Simvastatine Viatris 40mg Filmomh Tabl 250 Fl Hdpe
Op voorschrift
Geneesmiddel

Simvastatine Viatris 40mg Filmomh Tabl 250 Fl Hdpe

  € 39,56
Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Er zijn enkele gevallen gemeld waarbij statines Myasthenia gravis of oculaire myasthenie 'de novo' induceerden dan wel reeds bestaande Myasthenia gravis of oculaire myasthenie verergerden (zie rubriek 4.8). Het gebruik van Simvastatine Viatris moet worden stopgezet in geval van verergering van de symptomen. Er zijn recidieven gemeld wanneer dezelfde of een andere statine (opnieuw) werd toegediend. Myopathie/rhabdomyolyse Net als andere remmers van HMG-CoA-reductase, veroorzaakt simvastatine soms myopathie, wat zich manifesteert als spierpijn, -gevoeligheid of -zwakte met een creatinekinase (CK) van meer dan tienmaal de bovenste waarde van het normale bereik (ULN). Soms verschijnt de myopathie in de vorm van rhabdomyolyse met of zonder acuut nierfalen secundair aan myoglobinurie, en in zeer zeldzame gevallen met fatale afloop. De kans op myopathie neemt toe bij een hoge mate van HMG-CoA�reductaseremmende activiteit in het plasma (d.w.z. verhoogde plasmaconcentraties van simvastatine en simvastatinezuur), wat voor een deel het gevolg kan zijn van interactieve geneesmiddelen die interfereren met simvastatinemetabolisme en/of transporterroutes (zie rubriek 4.5). Net als met andere HMG-CoA-reductaseremmers is het risico op myopathie/rhabdomyolyse dosisafhankelijk. In een database van klinisch onderzoek waarin 41413 patiënten met simvastatine werden behandeld waarvan er 24747 (dat is ongeveer 60 %) deelnamen aan onderzoeken met een mediane follow-up van minstens vier jaar, was de incidentie van myopathie ongeveer 0,03%, 0,08% en 0,61% voor respectievelijk 20, 40 en 80 mg/dag. In deze onderzoeken werden de patiënten zorgvuldig gecontroleerd en sommige geneesmiddelen die interactie vertoonden, werden uitgesloten. In een klinisch onderzoek waarbij patiënten met een voorgeschiedenis van myocardinfarct werden behandeld met simvastatine 80 mg/dag (gemiddelde follow-up 6,7 jaar) was de incidentie van myopathie ongeveer 1,0 % tegen 0,02 % voor patiënten op 20 mg/dag. Ongeveer de helft van deze gevallen van myopathie trad tijdens het eerste behandeljaar op. De incidentie van myopathie tijdens elk volgend behandeljaar was ongeveer 0,1 % (zie rubrieken 4.8 en 5.1). Het risico op myopathie is bij patiënten die simvastatine 80 mg gebruiken groter dan met andere statinegebaseerde therapieën met een vergelijkbare LDL-C-verlaging. Daarom moet de 80 mg dosis van simvastatine alleen worden toegepast bij patiënten met ernstige hypercholesterolemie en een hoog risico op cardiovasculaire complicaties die met de lagere doses hun streefwaarden niet hebben gehaald en als de voordelen naar verwachting opwegen tegen de potentiële risico's. Bij patiënten die simvastatine 80 mg gebruiken en die een middel nodig hebben dat interacties geeft, moet een lagere dosis van simvastatine of een alternatieve statinegebaseerde therapie met minder kans op geneesmiddelinteracties worden gebruikt (zie hieronder Maatregelen om het risico op myopathie als gevolg van de geneesmiddelinteracties te verminderen en rubrieken 4.2, 4.3, en 4.5). In een klinisch onderzoek waarin patiënten met een hoog risico op cardiovasculaire ziekte behandeld werden met simvastatine 40 mg/dag (mediane follow-up 3,9 jaar), was de incidentie van myopathie ongeveer 0,05% bij niet-Chinese patiënten (n=7.367) tegen 0,24% bij Chinese patiënten (n=5.468). Hoewel de enige Aziatische populatie die in deze studie beoordeeld werd een Chinese populatie was, is voorzichtigheid geboden wanneer simvastatine wordt voorgeschreven aan Aziatische patiënten en moet de laagst noodzakelijke dosering worden gebruikt. Verminderde werking van transportproteïnen Een verminderde werking van de OATP-transportproteïnen in de lever kan de systemische blootstelling aan simvastatinezuur verhogen en zo ook het risico op myopathie en rabdomyolyse. Een verminderde werking kan optreden als gevolg van remming door interagerende geneesmiddelen (bv. ciclosporine) of bij patiënten die drager zijn van het SLCO1B1 c.521T>C-genotype. Patiënten die drager zijn van het SLCO1B1-allel (c.521T>C) dat codeert voor een minder actieve OATP1B1-proteïne, vertonen een hogere systemische blootstelling aan simvastatinezuur en een hoger risico op myopathie. Het risico op myopathie als gevolg van een hoge dosis (80 mg) simvastatine is ongeveer 1% over het algemeen, zonder genetische tests. Uit de resultaten van de SEARCH-studie is gebleken dat homozygote dragers van het C-allel (ook CC-genoemd) die met 80 mg worden behandeld, 15% risico lopen om binnen een jaar myopathie te ontwikkelen, terwijl dat risico 1,5% bedraagt bij heterozygote dragers van het C-allel. Het overeenkomstige risico is 0,3% bij patiënten met het meest voorkomende genotype (TT) (zie rubriek 5.2). Indien beschikbaar, moet onderzoek van het genotype op aanwezigheid van het C-allel overwogen worden als onderdeel van de risico-batenanalyse vooraleer simvastatine 80 mg wordt voorgeschreven bij individuele patiënten, en bij patiënten die drager zijn van het CC-genotype moeten hoge doses vermeden worden. Ook als dit gen niet aanwezig is bij genotypering, kan echter myopathie optreden.

Meting van het creatinekinase Het creatinekinase (CK) mag niet worden gemeten na zware inspanning of in de aanwezigheid van een plausibele andere oorzaak van de CK-verhoging omdat het dan moeilijk is de waarde te interpreteren. Als het CK bij baseline significant is verhoogd (> 5 x ULN), moet de waarde binnen 5 tot 7 dagen opnieuw worden gemeten om de resultaten te bevestigen. Vóór behandeling Alle patiënten die op simvastatine worden ingesteld of van wie de dosis simvastatine wordt verhoogd, moeten worden geïnformeerd over het risico op myopathie en worden gezegd om onverklaarde spierpijn, -gevoeligheid of -zwakte direct te melden. Voorzichtigheid moet worden betracht bij patiënten met predisponerende factoren voor rhabdomyolyse. Om een referentiebaselinewaarde vast te stellen, moet in de volgende gevallen het CK vóór instelling van de behandeling worden gemeten:  Ouderen (leeftijd ≥ 65 jaar)  vrouwelijke geslacht  nierfunctiestoornis  onbehandelde hypothyroïdie  eigen of familiaire voorgeschiedenis van erfelijke spieraandoeningen  voorgeschiedenis van spiertoxiciteit met een statine of fibraat  overmatig alcoholgebruik. In dergelijke situaties moet het risico van de behandeling worden overwogen in relatie tot het mogelijke voordeel en klinische controle wordt aanbevolen. Als een patiënt eerder op een fibraat of een statine een spieraandoening heeft gehad, moet behandeling met een andere vertegenwoordiger van die klasse altijd voorzichtig worden ingesteld. Als het CK significant ten opzichte van de baseline is verhoogd (> 5 x ULN), moet de behandeling niet worden ingesteld. Tijdens behandeling Als er bij een patiënt die met een statine wordt behandeld spierpijn, -zwakte of -kramp optreedt, moet het CK worden gemeten. Als blijkt dat deze waarden zonder zware lichamelijke inspanning significant verhoogd zijn (> 5 x ULN), moet de behandeling worden gestaakt. Als de spiersymptomen ernstig zijn en dagelijks ongemak veroorzaken, zelfs als het CK < 5 x ULN is, kan stopzetting van de behandeling worden overwogen. Als myopathie om een andere reden wordt vermoed, moet de behandeling worden gestaakt. Er zijn zeer zeldzame meldingen gedaan van immuungemedieerde necrotiserende myopathie (IMNM) gedurende of na behandeling met sommige statines. IMNM wordt klinisch gekenmerkt door persisterende proximale spierzwakte en verhoogd serumcreatinekinase, die aanhouden ondanks stopzetting van de statinebehandeling (zie rubriek 4.8). Als de symptomen verdwijnen en het CK normaliseert, kan hernieuwde toediening van de statine of instelling van een andere statine in de laagste dosis worden overwogen, met zorgvuldige controle.

Bij patiënten die naar de dosis 80 mg zijn getitreerd, is een hogere frequentie van myopathie waargenomen (zie rubriek 5.1). Periodieke CK-metingen worden aanbevolen omdat deze nuttig kunnen zijn voor het signaleren van subklinische gevallen van myopathie. Maar er is geen zekerheid dat dergelijke controles myopathie voorkomen. Enkele dagen voor electieve ingrijpende chirurgie of als een andere medische of chirurgische omstandigheid dat noodzakelijk maakt, moet de behandeling met simvastatine tijdelijk worden stopgezet. Maatregelen om het risico op myopathie als gevolg van de geneesmiddelinteracties te verminderen (zie ook rubriek 4.5) De kans op myopathie en rhabdomyolyse neemt aanzienlijk toe door gelijktijdig gebruik van simvastatine en krachtige remmers van CYP3A4 (zoals itraconazol, ketoconazol, posaconazole, voriconazol, erythromycine, clarithromycine, telithromycine, HIV�proteaseremmers (bv. nelfinavir), boceprevir, telaprevir, nefazodon, geneesmiddelen die cobicistat bevatten), alsook gemfibrozil, ciclosporine en danazol. Gebruik van deze geneesmiddelen is tegenaangewezen (zie rubriek 4.3). De kans op myopathie en rhabdomyolyse is ook verhoogd bij gelijktijdig gebruik van amiodaron, amlodipine, verapamil of diltiazem met bepaalde doses simvastatine (zie rubrieken 4.2 en 4.5). De kans op myopathie, waaronder rabdomyolyse, kan stijgen door gelijktijdige toediening van fusidinezuur en statines (zie rubriek 4,5). Bij patiënten met HoFH kan dit risico verhoogd zijn bij concomiterend gebruik van lomitapide en simvastatine. Daarom is ten aanzien van CYP3A4-remmers gelijktijdig gebruik van simvastatine met itraconazol, ketoconazol, posaconazol, voriconazol, HIV-proteaseremmers (bv. nelfinavir), boceprevir, telaprevir, erythromycine, clarithromycine, telithromycine, nefazodon en geneesmiddelen die cobicistat bevatten gecontra-indiceerd (zie rubrieken 4.3 en 4.5). Als behandeling met krachtige CYP3A4-remmers (stoffen die de AUC ongeveer vijfmaal of meer verhogen) niet te vermijden is, moet de therapie met simvastatine tijdens die behandeling worden opgeschort (en gebruik van een ander statine worden overwogen). Daarnaast moet voorzichtigheid worden betracht bij het combineren van simvastatine met bepaalde minder krachtige CYP3A4-remmers: fluconazol, verapamil, diltiazem (zie rubrieken 4.2 en 4.5). Gelijktijdig gebruik van pompelmoessap en simvastatine moet worden vermeden. Het gebruik van simvastatine met gemfibrozil is gecontra-indiceerd (zie rubriek 4.3). Vanwege het verhoogde risico op myopathie en rhabdomyolyse mag de dosis simvastatine niet hoger zijn dan 10 mg per dag bij patiënten die simvastatine innemen met andere fibraten, uitgezonderd fenofibraat (zie rubrieken 4.2 en 4.5.). Voorzichtigheid moet worden betracht bij het voorschrijven van fenofibraat met simvastatine, omdat beide middelen in monotherapie myopathie kunnen vooroorzaken. Simvastatine mag niet gelijktijdig met systemische formuleringen van fusidinezuur worden toegediend of binnen 7 dagen na stopzetting van een behandeling met fusidinezuur. Bij patiënten bij wie het gebruik van fusidinezuur noodzakelijk geacht wordt, moet de behandeling met het statine worden stopgezet tijdens de gehele duur van de behandeling met fusidinezuur. Er zijn meldingen geweest van rabdomyolyse (waaronder enkele gevallen met dodelijke afloop) bij patiënten die fusidinezuur in combinatie met statines kregen (zie rubriek 4.5). De patiënt moet de raad krijgen om onmiddellijk medisch advies in te winnen als er symptomen optreden van spierzwakte, -pijn of -gevoeligheid. De behandeling met het statine mag zeven dagen na de laatste dosis van fusidinezuur worden hervat. In uitzonderlijke gevallen waarin systemisch fusidinezuur langdurig noodzakelijk is, bijv. voor de behandeling van ernstige infecties, mag de noodzaak om Simvastatine Viatris en fusidinezuur gelijktijdig toe te dienen uitsluitend van geval tot geval worden overwogen en onder nauwlettende medische supervisie. Gelijktijdig gebruik van simvastatine in doses hoger dan 20 mg/dag met amiodaron, amlodipine, verapamil of diltiazem moet worden vermeden. Bij patiënten met HoFH dient gecombineerd gebruik van simvastatine in doseringen hoger dan 40 mg per dag en lomitapide te worden vermeden (zie rubriek 4.2, 4.3 en 4.5). Patiënten die samen met simvastatine, in het bijzonder hogere doses simvastatine, andere geneesmiddelen innemen gekend om hun matig remmend effect op CYP3A4 kunnen een verhoogd risico op myopathie hebben. Wanneer simvastatine gelijktijdig wordt toegediend met een matige remmer van CYP3A4 (stoffen die de AUC ongeveer 2-5-maal verhogen) kan een aanpassing van de dosering van simvastatine noodzakelijk zijn. Bij bepaalde matige CYP3A4-remmers, bijv. diltiazem, wordt een maximale dosis simvastatine van 20 mg aanbevolen (zie rubriek 4.2). Simvastatine is een substraat van de efflux transporter Breast Cancer Resistant Protein (BCRP). Gelijktijdige toediening van producten die BCRP remmen (bv. elbasvir en grazoprevir) kan leiden tot verhoogde plasmaconcentraties van simvastatine en een verhoogd risico op myopathie; daarom moet, afhankelijk van de voorgeschreven dosis, een dosisaanpassing van simvastatine worden overwogen. Gelijktijdige toediening van elbasvir en grazoprevir met simvastatine is niet onderzocht; de dosis simvastatine mag echter niet hoger zijn dan 20 mg per dag bij patiënten die gelijktijdig medicatie krijgen met producten die elbasvir of grazoprevir bevatten (zie rubriek 4.5). Gelijktijdige toediening van HMG-CoA-reductaseremmers en lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) niacine (nicotinezuur) is in zeldzame gevallen gepaard gegaan met myopathie/rhabdomyolyse; bij monotherapie kunnen beide middelen myopathie veroorzaken. In een klinische studie (mediane follow-up 3,9 jaar) met patiënten met een hoog risico op cardiovasculaire ziekte en bij wie de LDL-C-spiegels goed onder controle waren met simvastatine 40 mg/dag met of zonder ezetimibe 10 mg, was er geen aanvullend gunstig effect op de cardiovasculaire uitkomsten met de toevoeging van lipidemodificerende doses (≥1 g/dag) niacine (nicotinezuur). Daarom moeten artsen die combinatietherapie met simvastatine en lipidemodificerende doses (≥ 1 g/dag) niacine (nicotinezuur) of producten met niacine overwegen de mogelijke voordelen en risico's zorgvuldig afwegen en patiënten nauwgezet controleren op tekenen en symptomen van spierpijn, -gevoeligheid of -zwakte, met name tijdens de eerste therapiemaanden en als de dosis van één van beide geneesmiddelen verhoogd wordt. Bovendien was in deze studie de incidentie van myopathie ongeveer 0,24% bij Chinese patiënten die simvastatine 40 mg of ezetimibe/simvastatine 10/40 mg kregen in vergelijking met 1,24% bij Chinese patiënten die simvastatine 40 mg of ezetimibe/simvastatine 10/40 mg gelijktijdig kregen met nicotinezuur/laropiprant met gereguleerde afgifte 2.000 mg/40 mg. Hoewel de enige Aziatische populatie die in deze studie beoordeeld werd een Chinese populatie was, wordt aangezien de incidentie van myopathie hoger is bij Chinese dan bij niet-Chinese patiënten, de gelijktijdige toediening van simvastatine en lipidemodificerende doses (≥1 g/dag) niacine (nicotinezuur) niet aanbevolen bij Aziatische patiënten. Acipimox is structureel verwant aan niacine. Hoewel acipimox niet werd onderzocht, kan het risico op toxische effecten op de spieren vergelijkbaar zijn met dat van niacine.

Simvastatine Viatris wordt gebruikt voor verlaging van de concentraties cholesterol en

vetachtige stoffen, die triglyceriden worden genoemd, in uw bloed.

Wanneer u dit geneesmiddel inneemt, moet u een cholesterolverlagend dieet volgen. Dit

geneesmiddel behoort tot de groep geneesmiddelen die statinen wordt genoemd.

Simvastatine Viatris wordt naast een dieet gebruikt als u:

 een verhoogde concentratie cholesterol in uw bloed heeft (primaire

hypercholesterolemie) of een te hoog vetgehalte in uw bloed heeft (gemengde

hyperlipidemie), wanneer lichaamsbeweging en gewichtsverlies geen effect hebben

gehad.

 een erfelijke aandoening, homozygote familiaire hypercholesterolemie, heeft, die de

concentratie cholesterol in uw bloed verhoogt. U kan ook andere geneesmiddelen krijgen

voor deze aandoening.

 een coronaire hartziekte heeft of een verhoogd risico loopt die te krijgen. Als u

suikerziekte heeft, een beroerte heeft gehad of lijdt aan een andere aandoening aan de

bloedvaten, loopt u meer kans op een coronaire hartziekte.

  • De werkzame stof in dit geneesmiddel is simvastatine. Simvastatine Viatris is te verkrijgen in de vorm van filmomhulde tabletten in 3 sterkten met 20 mg / 40 mg / 80 mg van de werkzame stof simvastatine per tablet.

  • De andere stoffen in dit geneesmiddel zijn ascorbinezuur, butylhydroxyanisol (E320), citroenzuurmonohydraat, lactosemonohydraat (zie rubriek 2 "Simvastatine Viatris bevat lactose"), magnesiumstearaat, microkristallijne cellulose, gepregelatiniseerd maïszetmeel, natriumlaurylsulfaat, hypromellose, talk, hydroxypropylcellulose, titaniumdioxide (E171), macrogol, rood ijzeroxide (E172) en geel ijzeroxide (E172) (enkel 20 mg en 40 mg).

Vele geneesmiddelen beïnvloeden de werking van simvastatine. Gebruikt u naast Simvastatine Viatris nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kort geleden gedaan of gaat u dit misschien binnenkort doen? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor geneesmiddelen vrij van voorschrift, kruidengeneesmiddelen, vitaminesupplementen en de volgende geneesmiddelen:

 ciclosporine, gebruikt om afstoting bij patiënten die een orgaantransplantatie hebben ondergaan te voorkomen,

 een hormoon dat danazol wordt genoemd en dat gebruikt wordt om hevige of pijnlijke menstruaties te behandelen

 antischimmelmiddelen zoals ketoconazol, itraconazol, fluconazol, posaconazol of voriconazol,

 fibraten zoals gemfibrozil, fenofibraat of bezafibraat die ook worden gebruikt om verhoogd cholesterol te behandelen,

 niacine of nicotinezuur of acipimox in hoge doses die ook worden gebruikt voor behandeling van verhoogd cholesterol,

 antibiotica zoals erythromycine, clarithromycine, telithromycine

 HIV-proteaseremmers zoals indinavir, nelfinavir, ritonavir of saquinavir (geneesmiddelen voor hiv-infecties) of geneesmiddelen die cobicistat bevatten (die eveneens gebruikt worden om hiv-infecties te behandelen),

 antivirale middelen tegen hepatitis C zoals boceprevir, telaprevir, elbasvir of grazoprevir,

 glecaprevir/pibrentasvir (ook gebruikt om hepatitis C te behandelen),

 een antidepressivum dat nefazodon heet,

 geneesmiddelen zoals amiodarone (een geneesmiddel voor de behandeling van onregelmatige hartslag), verapamil, diltiazem of amlodipine (geneesmiddelen voor behandeling van hoge bloeddruk of hartaandoeningen),

 lomitapide (wordt gebruikt om een ernstige en zeldzame genetische cholesterolziekte te behandelen)

 daptomycine (een geneesmiddel voor de behandeling van gecompliceerde infecties van de huid en huidstructuren en bacteriëmie). Het is mogelijk dat er meer bijwerkingen op de spieren optreden als dit geneesmiddel wordt ingenomen tijdens de behandeling met simvastatine. Uw arts kan beslissen dat u tijdelijk met simvastatine moet stoppen,

 colchicine (een geneesmiddel voor de behandeling van jicht)

 ticagrelor (een geneesmiddel tegen het samenklonteren van bloedplaatjes).

Inname van simvastatine met één van deze geneesmiddelen kan het risico op spierproblemen verhogen (sommige hiervan werden al opgesomd in de bovenstaande rubriek 'Wanneer mag u Simvastatine Viatris niet gebruiken?').

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken. Wees niet bezorgd om deze lijst van bijwerkingen. Het kan zijn dat u geen enkele bijwerking krijgt, maar het is belangrijk te weten wat te doen als ze zich toch voordoen.

Als één van deze bijwerkingen optreedt, stop dan met het gebruik van het geneesmiddel en overleg direct met uw arts of ga naar de eerste hulp van het dichtstbijzijnde ziekenhuis.

• Onverklaarbare spierproblemen zoals pijn, gevoeligheid, zwakte, vooral constante spierzwakte, spierscheuring of kramp in de spieren. In zeldzame gevallen kunnen deze spierproblemen zeer ernstig zijn en leiden tot afbraak van spieren en nierbeschadiging.

In sommige gevallen kunnen deze problemen levensbedreigend zijn en er waren zeer zeldzame sterfgevallen.

• overgevoeligheidsreacties (allergische reacties), waaronder:

o zwelling van gezicht, tong en keel, wat moeilijk ademen kan veroorzaken (angio-oedeem)

o ernstige spierpijn met name in de schouders en heupen

o uitslag met zwakte van de ledematen en nekspieren

o uitslag die kan optreden op de huid of zweertjes in de mond (lichenoïde geneesmiddelenerupties)

o pijn of ontsteking van de gewrichten

o ontsteking van de bloedvaten

o abnormale blauwe plekken, huiduitslag en –zwelling, netelroos, gevoeligheid van de huid voor de zon, koorts, roodheid van het gezicht

o kortademigheid en gevoel van onwel zijn

o lupusachtig beeld (waaronder uitslag, gewrichtsklachten en effecten op de bloedcellen)

o een ernstige allergische reactie die die moeilijk ademen of duizeligheid kan veroorzaken (anafylaxie)

o borstvergroting bij mannen (gynaecomastie)

o leverontsteking met gele verkleuring van de huid en ogen, jeuk, donkergekleurde urine of lichtgekleurde ontlasting, die kan leiden tot leverfalen

o hevige pijn in de buik, die gezwollen en gevoelig kan zijn, met mogelijk uitstraling van de pijn naar de rug, misselijkheid, braken en koorts, wat veroorzaakt wordt door een ontsteking van de alvleesklier

o ontsteking van de longen die ademhalingsproblemen, waaronder aanhoudende hoest en/of kortademigheid of koorts veroorzaakt

o hevige pijn in de gewrichten met zwakte en onvermogen om armen en benen te bewegen, wat veroorzaakt wordt door problemen van de pezen, die de spieren met het bot verbinden

o suikerziekte. Dit is meer waarschijnlijk als u hoge suiker- en vetwaarden in uw bloed heeft, overgewicht en hoge bloeddruk heeft. Uw arts zal u controleren terwijl u dit geneesmiddel inneemt.

Andere mogelijke bijwerkingen:

Zelden (kunnen optreden bij tot 1 op de 1.000 mensen)

o vermoeidheid, kortademigheid en een bleke huid die te wijten zijn aan een laag aantal rode bloedcellen (anemie)

o gevoelloosheid of zwakte in de armen en benen

o hoofdpijn, waarnemen van tintelingen, duizeligheid

o wazig zien en minder goed kunnen zien

o gestoorde spijsvertering (buikpijn, verstopping, winderigheid, opgeblazen gevoel, diarree, misselijkheid, braken)

o uitslag, jeuk, haarverlies

o zwakte

o verhoogde bloedconcentraties van stoffen die aantonen hoe de lever en de spieren werken, te zien bij bloedonderzoek

Zeer zelden (kunnen optreden bij tot 1 op de 10.000 mensen)

o moeilijk slapen

o slecht geheugen, geheugenverlies, verwardheid

Niet bekend (frequentie kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

o geen erectie kunnen krijgen of behouden (erectiele dysfunctie)

o depressie

o meer dorst hebben, vaker moeten plassen, vermoeidheid, te wijten aan een toename van suiker in het bloed

o Myasthenia gravis (een ziekte die algemene spierzwakte veroorzaakt, in sommige gevallen in spieren die worden gebruikt bij de ademhaling)

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken?

• u bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 van deze bijsluiter.

• u heeft leverproblemen

• u bent zwanger of u geeft borstvoeding

• u neemt geneesmiddelen voor schimmelinfecties (zoals itraconazol, ketoconazol, posaconazol of voriconazol), geneesmiddelen die gebruikt worden om hiv te behandelen (zoals indinavir, nelfinavir, ritonavir en saquinavir), geneesmiddelen die cobicistat bevatten (die eveneens gebruikt worden om hiv-infecties te behandelen), geneesmiddelen voor behandeling van hepatitis C (boceprevir, telaprevir), antibiotica (zoals erytromycine, claritromycine, telitromycine) of nefazodon, gebruikt voor behandeling van depressie (zie rubriek 2 'Neemt u nog andere geneesmiddelen in')

• u neemt gemfibrozil (een geneesmiddel voor verlaging van cholesterol)

• u neemt ciclosporine (een geneesmiddel dat vaak wordt gebruikt bij patiënten die een orgaantransplantatie hebben ondergaan)

• u neemt danazol (een synthetisch hormoon gebruikt voor behandeling van endometriose)

Neem niet meer dan 40 mg Simvastatine Viatris als u lomitapide inneemt (wordt gebruikt om een ernstige en zeldzame genetische cholesterolziekte te behandelen).

Neem dit geneesmiddel niet in wanneer één van de bovenstaande waarschuwingen op u van toepassing is en raadpleeg uw arts om over uw behandeling te praten.

Zwangerschap Simvastatine Viatris is gecontra-indiceerd tijdens de zwangerschap (zie rubriek 4.3). De veiligheid bij zwangere vrouwen is niet vastgesteld. Bij zwangere vrouwen zijn geen gecontroleerde klinische studies met simvastatine verricht. Er zijn zeldzame gevallen gerapporteerd van aangeboren afwijkingen na intra-uterine blootstelling aan HMG�CoA-reductaseremmers. Maar bij analyse van ongeveer 200 prospectief gevolgde zwangerschappen waarbij tijdens het eerste trimester blootstelling aan simvastatine of een andere nauw verwante HMG-CoA-reductaseremmer had plaatsgevonden, was de incidentie van aangeboren afwijkingen vergelijkbaar met die in de algemene populatie. Dit aantal zwangerschappen was statistisch voldoende om een verhoging van aangeboren afwijkingen ten opzichte van de achtergrondincidentie met een factor 2,5 of meer uit te sluiten. Hoewel er geen aanwijzigingen zijn dat de incidentie van aangeboren afwijkingen bij nakomelingen van patiënten die simvastatine of een andere nauw verwante HMG-CoA�reductaseremmer hebben gebruikt, afwijkt van die in de algemene populatie, kan behandeling van de moeder met simvastatine bij de foetus een verlaging geven van de concentratie mevalonaat, dat een precursor is van de cholesterolbiosynthese. Atherosclerose is een chronisch proces en staken van de toediening van de lipideverlagende middelen tijdens de zwangerschap heeft waarschijnlijk weinig invloed op het resultaat van langdurige behandeling van een primaire hypercholesterolemie. Daarom moet simvastatine niet worden gebruikt bij vrouwen die zwanger zijn, zwanger proberen te worden of die vermoeden dat zij zwanger zijn. Behandeling met simvastatine moet worden opgeschort voor zolang de zwangerschap duurt of tot is vastgesteld dat de vrouw niet zwanger is (zie rubriek 4.3 en 5.3). Borstvoeding Het is onbekend of simvastatine of de metabolieten in de moedermelk worden uitgescheiden. Omdat veel geneesmiddelen in de moedermelk worden uitgescheiden en gezien de kans op ernstige bijwerkingen, moeten vrouwen die simvastatine gebruiken hun kinderen geen borstvoeding geven (zie rubriek 4.3). Vruchtbaarheid Er zijn geen gegevens van klinische studies over de effecten van simvastatine op de vruchtbaarheid bij de mens. Simvastatine had geen effect op de vruchtbaarheid van mannetjes- en wijfjesratten (zie rubriek 5.3).

  1. Hoe neemt u dit geneesmiddel in?

Neem dit geneesmiddel altijd in precies zoals uw arts of apotheker u dat heeft verteld.

Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker. Uw dosis

zal worden bepaald door uw arts en zal afhangen van de resultaten van het bloedonderzoek.

De dosis die u moet nemen zal door uw apotheker op de doos/het etiket worden geschreven.

U dient uw cholesterolverlagende dieet te blijven volgen en te bewegen.

Patiënten met coronaire hartziekten (CHZ)

De geadviseerde dosering is 20 mg – 40 mg die u 's avonds moet innemen. Uw arts kan uw dosis om de 4 weken verhogen. De maximum dosis is 80 mg. Uw arts zal de juiste tabletsterkte voor u bepalen, afhankelijk van uw conditie, huidige behandeling en uw persoonlijk risico. Blijf Simvastatine Viatris innemen tenzij uw arts u zegt te stoppen.

Patiënten met verhoogde concentraties cholesterol/bloedvetten (hypercholesterolemie/hyperlipidemie)

De geadviseerde startdosis is 10 mg - 20 mg 's avonds in te nemen. Uw arts kan uw dosis om de 4 weken verhogen. De maximum dosis is 80 mg.

Patiënten met erfelijke hoge cholesterol (homozygote familiaire hypercholesterolemie)

De geadviseerde gebruikelijke startdosis is 40 mg 's avonds in te nemen.

CNK 4218459
Organisaties Viatris
Merken Viatris
Breedte 81 mm
Lengte 107 mm
Diepte 66 mm
Actieve ingrediënten simvastatine
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)